In mijn eerdere blogposts over Emilie Mayer noemde ik deze Duitse componiste een ‘vrouwelijke Beethoven’. Zo zou ze al door haar tijdgenoten omschreven zijn, las ik her en der. Niets van aan, reageerde Gitta Mayer, ghostwriter van het ‘geheime dagboek’ van Emilie Mayer. ‘Het is meer een reclametruc van onze tijd, waarbij vrouwen nog steeds meer waard lijken te zijn als een beroemde man ze iets heeft ingefluisterd.’ Een bedenking die het waard is om nog eens in te zoomen op die vergelijking.

Eerlijk gezegd voelde ik me in mijn onderbewustzijn altijd al ongemakkelijk met de omschrijving van Emile Mayer (1812-1883) als de ‘vrouwelijke Beethoven’. Waarom zijn we vaak geneigd om iemand met talent niet te waarderen in haar – meestal gaat het om een vrouw – eigen kracht? Heeft ze dan een man nodig om op een ‘hoger niveau’ getild te worden en respect af te dwingen?

Wie is Beethoven eigenlijk?

Maar wie ben ik, dacht ik, als bijvoorbeeld de Brandenburger Symphoniker het in zijn programmabrochure bij een concertreeks in 2023 ook had over de ‘vrouwelijke Beethoven’? Weliswaar hadden ze bij het orkest ook wel een bedenking bij die ‘slechte vergelijking’, zo citeerde ik hen in het portret dat ik toen schetste van de componiste (Emilie Mayer, ’s werelds eerste beroepscomponiste). Met haar tonale taal stond Emilie Mayer dan wel in de traditie van Beethoven, luidde het in de programmabrochure (die niet meer online blijkt te staan), ‘maar vanaf het begin van haar werk wist ze haar eigen symfonische wereld te creëren’. En: ‘Aan het einde van het seizoen zou je zelfs kunnen vragen: “Beethoven? Wie is Beethoven eigenlijk?”’

Ook in een podcast van WDR merkte men toen al op: ‘Als iemand Emilie Mayer nog de vrouwelijke Beethoven noemt, dan noem ik Beethoven de mannelijke Mayer.’ 

Toch sloop die verwijzing opnieuw in mijn recensie van Emilie Mayer, Componistin – Sinfonie eines Lebens van Gitta Martens (Het geheime dagboek van Duitslands belangrijkste componiste Emilie Mayer). ‘In haar tijd genoot ze brede erkenning en stond ze zelfs bekend als de “vrouwelijke Beethoven”’, zo herhaalde ik onnadenkend – ook al was ik verrast die vergelijking niet te hebben gelezen bij Gitta Martens.

Mannelijke Moeder Teresa

Er is dan ook generlei bewijs van, mailde Gitta me in een reactie op mijn bespreking van haar roman. Ze wees me op een interessant artikel van Reinhard Wulfhorst.

Emilie Mayer verdient het om als een volwaardige componist/e te worden beschouwd, stelt deze muziekuitgever van Edition Massonneau en lid van het Emilie Mayer Gesellschaft. ‘Of zou iemand ooit op het idee komen om een man de “mannelijke Moeder Teresa” te noemen?’ Wat op het eerste gezicht misschien een lofzang lijkt, is ook volgens hem pure marketing.

In musicologische werken, zoals de eerste wetenschappelijke biografie (2003) van Almut Runge-Woll, is volgens hem geen spoor terug te vinden van de Mayer-Beethoven-vergelijking. Het stoort hem dan ook steeds meer dat hedendaagse (pers)artikels toch steevast schermen met de ‘vrouwelijke Beethoven’.

Allemaal Beethoven-epigonen

Ook in muzikaal perspectief loopt de vergelijking mank, betoogt hij voorts. Het klopt weliswaar dat Emilie Mayer zich, tijdens haar studie bij de Beethoven-liefhebber Adolph Bernhard Marx, verdiept heeft in het werk van de Duitse grootmeester. Maar dat hebben zoveel meer componisten gedaan. Zijn dat dan allemaal Beethoven-epigonen? Trouwens, in een zeer lovende recensie in het Neue Zeitschrift für Musik uit 1867 luidt het: ‘In stijl sluit zij zich aan bij oudere meesters.’ Reinhard Wulfhorst: ‘Een groter contrast met de muzikale revolutionair Beethoven is moeilijk denkbaar.’

In historische bronnen vond hijzelf ook nergens bevestiging dat het om een statement van tijdgenoten zou gaan. Sommige recensenten in haar tijd zien weliswaar verwijzingen naar Beethoven, of zelfs ontleningen, maar geen enkele bron spreekt expliciet of impliciet van een ‘vrouwelijke Beethoven’.

Recente legende

Het is dus een legende die intussen voor ‘feit’ wordt aangenomen, vreest hij. En aangezien Mayer sinds haar dood in 1883 een eeuw lang vrijwel vergeten is, moet het om een recente legende gaan. Mogelijk, vermoedt hij, is ze ontstaan in de nasleep van een conferentie in 2001 over ‘De “mannelijke” en de “vrouwelijke” Beethoven’, geanalyseerd volgens de theorie van Adolph Bernhard Marx (een nu gelukkig verlaten theorie – zie Vrouw aan de piano, p. 193-196). Maar ook toen maakte de spreekster merkwaardig genoeg de vergelijking Mayer-Beethoven niet, zo stelde Wulfhorst vast. Misschien, oppert hij, had iemand die niet goed luisterde of las een goede kop of slagzin voor zijn verslag nodig?

Hij besluit: ‘Tot het tegendeel bewezen is, moeten we deze twijfelachtige vergelijking gewoon achterwege laten en Emilie Mayer zien voor wie ze was: Emilie Mayer.’

______________

• Lees het artikel van Reinhard Wulfhorst op de website van het Emilie Mayer Gesellschaft.
• Lees op deze blog ook het portret Emilie Mayer, ’s werelds eerste beroepscomponiste.
• Lees op deze blog ook de boekbespreking Het geheime dagboek van Duitslands belangrijkste componiste Emilie Mayer.